Alles wat je moet weten om een hockeyscheidsrechter te worden

by:

Tips

Hockey is een sport waar veel mensen gepassioneerd over zijn. Het is iets wat we onze kinderen meegeven, en waar wij Nederlands erg goed in zijn, ook op WK’s. Met name de dames scoren hoge ogen de laatste jaren en je ziet dit ook terugkomen in de populariteit van de sport.

Maar geen wedstrijd kan vlekkeloos gespeeld worden zonder een goede scheidsrechter. Iemand die ervoor zorgt dat de regels netjes worden nageleefd en beide teams gelijke kansen hebben om te winnen, zonder slinkse en valse methoden.

 

De scheidsrechter is het belangrijkste element voor een goed spelverloop.

 

Hoe kan ik een scheidsrechter worden bij hockeywedstrijden?

De loopbaan van een scheidsrechter begint bijna altijd bij je eigen club. Als je het altijd al leuk vond om de jongste spelers te begeleiden, dan is een start in het scheidsrechterstraject wellicht wat voor jou.

De KNHB stimuleert heel erg dat zoveel mogelijk mensen hun kaart halen. De kaart heb je nodig om wedstrijden te mogen fluiten.

 

Om een hockeyclubscheidsrechter te worden doe je het volgende:

  1. meld je aan bij de scheidsrechterscommissaris van je club
  2. volg de e-learning van de KNHB
  3. volg de workshop “spelregels” bij je club of, als deze te klein is, bij een grotere club in de buurt
  4. volg de workshop “cursus wedstrijdvoorbereiding” bij je club of een vereniging in de buurt
  5. doe een proefexamen
  6. haal je theorie-examen
  7. meld je bij de scheidsrechterscommissie van je vereniging voor het fluiten van je eerste wedstrijden

 



 

De clubscheidsrechter fluit alle wedstrijden die niet door bondsscheidsrechter hoeven te worden gefloten. De scheidsrechterscommissie (die elke club heeft) bepaalt samen met jou voor welke wedstrijden je geschikt bent.

Je zult dus waarschijnlijk van onderaf beginnen. Wanneer je je laat zien, kun je opklimmen tot de meer prominente wedstrijden.

hoe word ik een hockey scheidsrechter

(bron: KNHB.nl)

Elke club heeft afgesproken dat er bij elke wedstrijd een gecertificeerde arbiter toeziet op een goed spelverloop. Dat zijn bij elkaar een hoop wedstrijden. Er is dus ook een grote behoefte aan opgeleide scheidsrechters die hun kaart hebben behaald.

 

Is er een minimumleeftijd om scheidsrechter te kunnen worden?

Nee, er is geen minimumleeftijd. Het gaat met name om inzet en toewijding, én het behalen van je kaart. Je start bij je club met het behalen van je kaart op je 14e, en dan fluit je ook een paar wedstrijden mee om de regels goed onder de knie te krijgen. Je hoeft uiteraard daarna niet door te zetten om echt scheidsrechter te gaan worden.

Het belangrijkste is om alles goed in je op te nemen en met name te oefenen. Je kunt doorgroeien als scheidsrechter wanneer je alles in de praktijk brengt, oefent én je kwaliteiten laat zien.

 

Hoe kan ik het beste oefenen?

Natuurlijk, als je verder komt dan krijg je persoonlijk begeleiding. Verderop in dit artikel kom ik daar nog op terug – bij het traject om bondsscheidsrechter te worden. Maar de beste manier om te oefenen is door het te doen.

Om vooruit te komen moet je je kwetsbaar opstellen. Door je zwaktes te leren kennen kun je verbeteren. En mijn beste advies is dan ook om na de wedstrijd wat mensen te vragen wat ze van je fluitkunsten vonden.

Dit kunnen zijn spelers, of ze je bijvoorbeeld goed begrepen hebben en of je luid en duidelijk bent geweest. Maar ook ouders, coaches en andere aanwezigen met wellicht meer ervaring kun je vragen om feedback. Vraag het ook eens je mede-scheidsrechter. Dát is de manier om te leren.

 

Wat is de salarisvergoeding die je kunt verwachten als hockeyscheidsrechter?

Het geld zal niet je hoofddoel moeten zijn. Zeker in het amateurspel ontvang je geen vergoeding. Een scheidsrechter krijgt dan alleen reiskostenvergoeding, zodat je er in ieder geval niet op achteruit gaat.

Je moet het vooral met je hart doen: hart voor de sport en met name voor je vereniging!

Zelfs de bondsscheidsrechter verdient vrijwel niets. Soms is het een vergoeding van een paar tientallen euro’s per gefloten wedstrijd. Je kunt je baan dus nog niet opzeggen voor een carrière in het fluiten jammer genoeg.

 

 

Hoe word ik een bondsscheidsrechter?

De volgende stap na clubscheidsrechter is om bondsscheidsrechter te worden. Maar je zult eerst nog een examen moeten doen, namelijk het examen van clubscheidsrechter + (CS+).

 

De stappen tot het worden van een bondsscheidsrechter zijn als volgt:

  1. haal je clubscheidsrechterskaart
  2. doe vervolgens het CS+ examen (niet verplicht maar een handige tussenstap)
  3. fluit vanaf nu eerstelijnswedstrijden en zorg dat je eruit springt
  4. meld je aan bij de KNHB voor het bondscheidsrechterstraject
  5. laat je beoordelen bij wedstrijden en fluit bij bondswedstrijden in jouw district
  6. rond de workshops af
  7. word aangewezen tot bondsscheidsrechter door de commissie in jouw district

 

Om verder te komen in je opleiding zul je dus eerst het CS+ examen moeten afleggen. Wanneer je deze hebt afgerond kun je ook gaan fluiten bij de eerstelijnswedstrijden, uiteraard altijd in overleg met je club.

Ook de CS+ wordt bijna altijd lokaal gegeven bij jouw club. Mochten zij het niet aanbieden, dan kan de plaatselijke scheidsrechterscommissaris je wijzen op een andere vereniging in de buurt waar je het traject kunt starten.

Nu je wat verder bent gekomen, wordt er ook iets meer van je verwacht in de opleiding. Na je aanmelding start je met drie workshops:

  • een introductie van de opleiding;
  • meer over de techniek van waar je moet gaan staan en welke signalen je kunt gebruiken;
  • uitgebreidere sessie over de spelregels en het toepassen hiervan.

Verder zul je je kennis en kunde moeten laten zien:

  • laat zien wat je kunt in de praktijk aan een leercoach die ter beschikking wordt gesteld. Deze geeft je persoonlijke begeleiding en ontwikkeltips bij een aantal wedstrijden;
  • rond de opleiding af met een praktijktoets.

 

Na het afronden van deze praktijktoets kun je ervoor kiezen om een tijdje te fluiten als CS+ bij prominentere clubwedstrijden, of je kunt direct doorstomen en je aanmelden als BIO (bondsscheidsrechter in opleiding). Zo kun je voortgang maken in het behalen van je scheidsrechtersdiploma.

Bij je aanmelding zal eerst worden beoordeeld of je wel geschikt bent. Hierbij kijken ze naar je:

  1. fysieke conditie
  2. hoe je fluit
  3. spelregelkennis

Je zult je dus eerst moeten bewijzen!

 

Nadat je de eerste beoordeling hebt doorstaan volgt er een leuk en uitgebreid trainingsprogramma. Heel erg hands-on en on the job. Naast de workshop word je verder geholpen terwijl je fluit bij bondswedstrijden. Persoonlijke begeleiding staat hierbij centraal.

Ook schrijf je reflectieverslagen van je gefloten wedstrijden en bespreek je deze met je coach. Zo leer je steeds meer over jezelf en over welke kwaliteiten je nog kunt ontwikkelen.

Aan het einde zul je zowel een theorie-examen als een praktijkexamen (proeve van bekwaamheid) af moeten leggen om al je geleerde kennis te laten zien. Alles met succes afgerond? Dan kun je worden aangewezen tot bondsscheidsrechter in jouw district.

 

De spelregels van veldhockey: uitleg en tips

Om alle spelregels hier uit te leggen zou wellicht een beetje ver gaan, zeker gezien het feit dat de KNHB al veel informatie heeft over deze regels op haar site. Er zijn wel een aantal specifieke zaken waar ik hier graag bij stil wil staan, en dan met name praktische uitleg en tips.

scheidsrechter bij hockey

Laat je duidelijk horen en zien

De belangrijkste tip is om luid en duidelijk te fluiten. Zo kom je zelfverzekerd over en zal iedereen weten dat er iets aan de hand is, maar ook op een zelfverzekerde manier fysiek aanwezig zijn is erg belangrijk.

  • Je kunt het fluitsignaal ondersteunen met heldere aanwijzingen met je armen.
  • Doe dit door ze horizontaal te strekken, alleen bij voordeel strek je je armen schuin.
  • Maak jezelf zo groot mogelijk.
  • Geef een vrije slag aan met je rechterarm wanneer deze voor de aanvaller is en met je linker voor de verdediger.
  • Zorg dat je altijd met je rug naar de zijlijn staat. Zo houd je je houding open naar de situatie op het veld en zorg je er tegelijk voor dat je je hoofd zo min mogelijk hoeft te draaien om het spel te blijven volgen.

 

Wat zijn de signalen en gebaren voor een hockeyscheidsrechter?

Bij hockey komen er een hoop signalen kijken, gebaren om direct te laten weten wat er aan de hand is. Deze signalen zijn essentieel voor de spelers om te weten waar ze aan toe zijn. Daarnaast zijn ze ook erg handig om je collega’s te laten weten en merken wat je hebt gesignaleerd in het spel.

Goed opletten wat er in het spel gebeurt is natuurlijk een must, maar tegelijkertijd is het belangrijk jezelf zichtbaar te maken met gebaren. En dan ook nog eens te controleren of je collega’s ook hebben gezien wat je hebt aangegeven. Dit doe je door je lichaam zo goed mogelijk in te zetten.

Hier volgt een overzicht van de signalen die je gedurende een wedstrijd het meest zult gebruiken:

 

Hockey scheidsrechter signalen infographic v2

 

Gebruik deze infographic ook op jouw site met onderstaande code, hoe meer mensen er van kunnen leren hoe beter:

 

 

  • Het starten van de tijd: kijk naar de andere scheidsrechter met één van je armen recht omhoog wijzend. Wacht tot het signaal wordt bevestigd en fluit dan om de tijd te starten.
  • Het stilzetten van de tijd: fluit direct en steek beide handen omhoog, gekruist bij de pols. Richt je ook hier tot je mede-scheidsrechter.
  • Resterende tijd: gebruik hier één arm met vinger in de lucht om nog 1 resterende minuut aan te geven, of gebruik beide voor het aangeven van 2 minuten.
  • Inslaan: geef met een horizontaal gestrekte arm de richting aan terwijl je aan de zijlijn staat. Je arm is hierbij parallel aan de zijlijn.
  • Uitslaan: terwijl je met je rug naar de achterlijn staat strek je beide armen horizontaal vanuit je lichaam. Ook hier parallel, maar dan aan de achterlijn.
  • Lange corner uitdelen: de lange corner wordt genomen vanaf de 23-meterlijn. Gebruik je rechterarm om te wijzen naar de hoekvlag waar de bal het dichtstbij over de achterlijn is gegaan en gebruik die arm om met een zwaaiende beweging naar de juiste plek op de 23-meterlijn te wijzen.
  • Bully: hierbij doe je met je handen de beweging van de hockeysticks bij een bully na. Houd je handen naar voren ter hoogte van je middel met de handpalmen naar binnen.
  • Doelpunt erkennen: gebruik beide armen om recht vooruit te wijzen richting het midden van het veld.
  • Wangedrag aankaarten: hierbij leg je het spel stil. Houd beide handen voor je lichaam met de handpalmen naar beneden en beweeg ze op kalme manier op en neer.
  • Vrije slag toekennen: gebruik je arm om de richting van de vrije slag aan te geven terwijl je ook hier parallel aan de zijlijn staat.
  • Toepassen van de voordeelregel: houd je arm schuin omhoog langs je lichaam in de richting van het team die het voordeel krijgt.
  • Afstand nemen of houden: strek je arm recht naar voren waarbij je je hand volledig openhoudt en je vingers uit elkaar houdt.
  • Strafcorner toekennen: gebruik beide armen en strek ze horizontaal naar voren richting doel.
  • Strafbal toekennen: gebruik de ene arm om de strafbal-stip aan te wijzen en steek de andere recht omhoog.
  • Obstructie: kruis je armen over elkaar tegen je borst aan.
  • Indirect afhouden: houd hier je armen ook gekruist over elkaar tegen je borst, maar beweeg ze tegelijkertijd heen en weer.
  • Voortbewegen met voet of been: til je been op door met je hand je enkel te pakken en gebruik je andere arm gestrekt om te wijzen.
  • Bolle kant aanduiden: beweeg met de handpalm van je ene hand over de knokkels van je andere.
  • Stick slaan: beweeg met je armen schuin voor je lichaam zodat je de bewegingen bij het stick slaan nadoet.
  • Sticks: draai je arm in een hoek van 90° naast je lichaam omhoog en gebruik je hand om een ronddraaiende beweging te maken.
  • Gevaarlijk spel: kruis één van je armen over je borst met gebalde vuist.
  • Stick afhouden: houd de ene arm schuin voor je lichaam naar beneden, terwijl je je onderarm met de andere aanraakt, ongeveer ter hoogte van je scheidsrechtershorloge.

 

Dit zijn een aantal van de belangrijkste gebaren die je nodig zult hebben bij het fluiten van een wedstrijd. Hieronder volgen nog enkele tips in specifieke spelsituaties.

 

Wat zijn de regels bij een strafcorner?

Een strafcorner ken je toe wanneer een verdediger binnen de cirkel een overtreding begaat. Ook kun je er zelfs een toekennen buiten de cirkel (maar binnen het 23 meter gebied), maar dan bij een zware of opzettelijke overtreding.

Overigens resulteert een zware of opzettelijke overtreding binnen de cirkel juist meestal in een strafbal. Dat is ook het geval bij een overtreding met als enige reden om een doelpunt te voorkomen. Daar geef je ook een strafbal voor, geen strafcorner.

Wat is de cirkel bij veldhockey?

In veldhockey zijn er twee cirkels getekend. Deze cirkels hebben elk twee streepjes aan weerszijden van het doel en gaan 10 tot 20 cm diep het veld in. De aangever bij een strafcorner gaat naast de tweede streep vanaf het doel gezien staan en legt de bal op het kruispunt van de achterlijn en het streepje.

De aanvallende ploeg kan een keuze maken of ze van links of van rechts willen aangeven. De twee streepjes liggen op 5 en 10 meter afstand van de doelpalen.

Strafcornerstrategie voor de aanvallende partij

De aanvallende partij kan zijn eigen strategie bepalen, maar er is in ieder geval een aangever en iemand die de bal zal proberen te scoren. Meestal gebruiken ze ook een “stopper” en hebben ze meerdere spelers die de bal in goal kunnen “tippen”.

Ze kunnen met zoveel spelers als ze willen rondom de cirkel gaan staan, hoewel in de meeste tactieken gebruik wordt gemaakt van vijf spelers, om ook nog verdedigers achter te hebben.

Strafcornerstrategie voor de verdedigende partij

Met vier spelers plus nog een keeper in het doel achter de achterlijn is de basisstrategie gelegd. Dit is gelijk ook het maximum aantal spelers dat mag worden ingezet.

Meestal zullen twee verdedigers uitrennen naar het verste puntje van de cirkel zodra de bal is gespeeld. Dit om daar de bal te blokkeren. Verder zal vaak één speler de aangever gaan dekken, terwijl er nog een verdediger overblijft in het doel. Dit noemen ze de “lijnstop”.

De keeper komt hierbij een klein stukje uit zijn/haar doel.

De bescherming die wordt gekozen bepalen de spelers eigenlijk zelf. Meestal wel maskers en soms toch ook een toque en een paar handschoenen. De verdedigers die niet in het doel gaan staan moeten achter de middenlijn blijven totdat de strafcorner wordt genomen.

Waar sta je als scheidsrechter bij een strafcorner?

Als scheidsrechter heb je een vaste plaats wanneer er een strafcorner wordt genomen.

  • De ene scheidsrechter staat bij de middenlijn. Hier kan hij zien of de verdedigers achter de middenlijn blijven voordat de strafcorner is genomen.
  • De tweede scheidsrechter, die verantwoordelijk is voor alles wat er gebeurd in de cirkel, staat op zo’n 5 tot 6 meter van het doel af en een 1,5 meter van de achterlijn. Zo kun je tegelijk de doellijn en de aangever in 1 blik zien en hoef je je alleen zijwaarts te wenden zodra de bal naar de kop van de cirkel gaat.

 

Beide scheidsrechters beginnen de strafcorner van te voren met allebei een hand omhoog. Sta je bij de middenlijn, dan doe je jouw hand omlaag wanneer de verdedigers allemaal achter de middenlijn zijn gepositioneerd. Vervolgens kijkt je collega of ook de spelers rondom de cirkel netjes staan. Dan laat ook hij zijn hand zakken.

 

Zodra beide scheidsrechters hun hand hebben laten zakken, mag de strafcorner worden genomen.

 

Een strafcorner kan heel snel gaan en het is daarom essentieel om goed op te letten als scheidsrechters. Je moet de regels dan echt paraat hebben en hier zijn enkele tips:

 

Regels bij het nemen van de strafcorner:

  1. De bal moet binnen de cirkel liggen op de achterlijn. De afstand van de doelpaal moet hierbij minstens 10 meter zijn.
  2. De speler die de strafcorner neemt moet eigenlijk buiten het speelveld staan. Niet met zijn gehele lichaam, maar wel met minimaal één van zijn voeten buiten de lijnen.
  3. De overige spelers van het aanvallende team staan wel binnen het veld, maar moeten wel buiten de cirkel blijven. Geen enkele voet, hand óf stick mag binnen de cirkel de grond raken.
  4. De aanvallende ploeg mag met zoveel spelers als ze willen om de cirkel staan.
  5. Om de bal te kunnen spelen mogen geen andere spelers dan hij of zij die de corner neemt op minder dan 5 meter afstand van de bal staan op het moment van nemen.
  6. Maximaal vijf verdedigers, dat is inclusief doelverdediger, moeten achter de achterlijn staan. Ook zij mogen het veld niet met hun handen, voeten of stick aanraken.
  7. De rest van het verdedigende team moet aan de andere kant van de middenlijn staan.
  8. Elke speler moet deze positie aanhouden tot de bal bij de strafcorner is gespeeld.
  9. Om spelen naar zichzelf te voorkomen mag degene die hem heeft genomen de bal niet meer aanraken of er binnen speelafstand bij komen tot deze door een andere speler is geraakt.
  10. De strafcornerregels vervallen pas wanneer de bal minimaal 5 meter buiten de cirkel is geweest.

 

Regels over het scoren bij een strafcorner:

  1. Je mag niet scoren voordat de bal buiten de cirkel is geweest.
  2. Wanneer het eerste schot op doel een slag is, dus geen push, scoop of flick, moet de bal de doellijn passeren ter hoogte van minder dan 460 mm om een geldig doelpunt te kunnen maken. 460 mm is de hoogte van de achterplank. De bal kan uiteraard van richting worden veranderd voordat hij de doellijn passeert en dan kan het alsnog een geldig doelpunt zijn. Hierbij moet je dan kijken of hij zich op een weg bevond die, voordat hij van richting werd veranderd, op een geldige manier van onder 460 mm het doel in zou zijn gegaan.
  3. Voor tweede en daaropvolgende slagen op doel én voor doelpogingen met flick, tip-in en scoop gelden geen beperking van de hoogte, mits zij natuurlijk niet gevaarlijk zijn.

 

Belangrijke tips voor de scheidsrechter bij een strafcorner:

  1. Bij het nemen van de strafcorner mogen de teams geen spelers wisselen. Het kan natuurlijk voorkomen dat er een blessure is ontstaan tijdens het incident. Alleen wanneer dit bij een keeper het geval is mag deze worden gewisseld, andere geblesseerde spelers mogen dat dus niet.
  2. Het aanvallende team heeft de keuze om de strafcorner van de linker- of rechterzijde te nemen.
  3. Je kunt zelf het beste een klein beetje voor de achterlijn gaan staan. In de cirkel met het doel aan je rechterhand. Zo kun je de verdedigers én de aanvallers beide goed zien. Probeer te vermijden dat er aanvallers achter je rug staan om het overzicht goed te kunnen bewaren.
  4. Let erop dat aanvallers met hun voeten én hockeystick buiten de cirkel blijven. Ook óp de lijn is niet toegestaan. Dit komt het vaakst voor, dat ze stiekem net iets eerder willen gaan dan de bal is genomen.
  5. Start het spel pas weer zodra alle spelers goed staan opgesteld. Houd je hand gewoon omhoog tot dit zo ver is, zodat de strafcorner niet eerder genomen kan worden dan wanneer iedereen de juiste positie heeft. Wanneer de spelers de juiste plek hebben gevonden, kun je je hand laten zakken. Zo weet de speler bij de bal dat hij/zij de corner kan nemen.
  6. Wanneer één van de spelers een fout heeft gemaakt, bijvoorbeeld wanneer de speler met de bal niet met minstens één schoen buiten het veld staat, zal de strafcorner opnieuw moeten worden genomen. Het maakt niet uit hoe vaak mensen een fout maken. Keer op keer zal het dan over moeten worden gedaan tot er een juiste corner wordt genomen.
  7. Je mag geen schijnbeweging maken bij het nemen van de bal. Dit zou een fout van een verdediger uit kunnen lokken alleen om zo een nieuwe strafcorner te kunnen nemen met een verdediger minder. In plaats daarvan straf je de aanvaller door hem naar de andere kant van de middenlijn te sturen. Nu zal een andere aanvaller de strafcorner moeten nemen.
  8. Ook het uitlopen van verdedigers gebeurt vaak te vroeg en mag pas wanneer de bal genomen is. Leg het spel stil en laat de corner opnieuw nemen. Die verdediger moet nu de corner verlaten en terug naar de middenlijn zodat de verdedigende partij de strijd aan zal moeten gaan met een verdediger minder. Een uitzonderlijke situatie ontstaat wanneer de keeper te vroeg uitloopt. De keeper is in elk geval nodig, dus nu mag de verdedigende partij een verdediger kiezen die naar de andere kant van de middenlijn zal moeten gaan. De enige reden om hier niet af te fluiten is wanneer het in het nadeel van het aanvallende team zou zijn, zoals bij een echte doelkans.
  9. Het kan voorkomen dat er een strafcorner wordt uitgedeeld, terwijl de wedstrijd daarna direct afgelopen is. Fluit in dat geval de wedstrijd af. De overige aanvallende spelers kunnen zich nu melden aan de rand van de cirkel, hun spel zit er immers op. Nu wordt deze laatste uitspeelstrafcorner afgerond, waarna de wedstrijd is afgelopen.
  10. Ook deze uitspeelstrafcorner kan natuurlijk weer een nieuwe strafcorner opleveren. De wedstrijd is afgelopen bij een doelpunt, uitslaan, lange corner, als de bal 5 meter buiten de cirkel geweest is, als er een overtreding gemaakt is die geen nieuwe strafcorner oplevert of als de bal voor de tweede keer buiten de cirkel wordt gespeeld. Een nieuwe strafcorner wordt dus wel weer gespeeld, ondanks dat de tijd erop zit.
  11. Het komt niet vaak voor, in ieder geval niet met ervaren spelers, maar het kan gebeuren dat de bal te zacht wordt gespeeld. Op zich is dit geen probleem, maar let op dat de speler die de bal nam hem niet ook weer overneemt. Dit heet een self-pass en is niet toegestaan.

 

Wanneer geef je als scheidsrechter een doelpunt?

  1. De bal moet buiten de cirkel zijn geweest.
  2. Vervolgens moet hij binnen de cirkel door een aanvaller op de juiste manier met de stick gespeeld zijn. Ook mag hij door een verdediger zijn aangeraakt.
  3. Het eerste schot op doel moet altijd op plankniveau zijn gespeeld. Wel mag hij van richting worden veranderd door een andere speler waardoor hij wellicht toch hoger op doel komt. Een verdediger kan de bal op elke wijze raken en telt het toch als een doelpunt. Raakt een aanvaller de bal, dan moet deze de bal correct hebben gespeeld. Raken met de bolle kant is bijvoorbeeld geen punt, wanneer de verdediging dit doet weer wel.
  4. Nog een handige tip: wanneer de bal niet buiten de cirkel is geweest en er wordt toch op het doel geschoten, dan hoef je in principe niet te fluiten. Het doelpunt zou niet geldig zijn geweest, maar fluiten hoeft pas wanneer de bal het doel ingaat. Stopt de keeper de bal kun je het spel gewoon door laten gaan.
  5. Wanneer de bal wel buiten de cirkel is geweest, kun je wel affluiten voor een overtreding. Bijvoorbeeld wanneer het eerste schot te hoog is geweest en wordt gestopt door de keeper; dan fluit je toch af.
  6. Sommige situaties zijn gevaarlijk voor een verdediger, maar laat je toch doorgaan. Bijvoorbeeld een tweede schot wat hoog wordt gespeeld, of ook een harde push. Wanneer de verdediger in de lijn van de bal staat, zoals op de doellijn, dan moet hij wellicht ontwijken. Toch is dit gewoon een doelpunt. Alleen wanneer een verdediger binnen 5 meter speelafstand in de cirkel uit moet wijken voor een hoog schot, fluit je af voor een aanvallende fout. Ook hier zijn weer nuances te vinden, zoals de vraag of de aanvaller voldoende rekening heeft gehouden met de verdediging en een vrije baan heeft gekozen om te schieten.
  7. Wordt een verdediger onder zijn knie geraakt, dan geef je wederom een strafcorner. Is het expres dan soms misschien zelfs wel een strafbal. Wordt de verdediger hoger geraakt dan de knie, dan is het juist weer een aanvallende overtreding. Tenzij de bal omhoog gaat doordat een verdediger hem raakte natuurlijk.
  8. Nog zo’n specifieke situatie is het indirect afhouden. Aanvallers zouden bij het inlopen een verdediger kunnen hinderen. Let dus ook altijd op de aanvallers die niet aan de bal zijn. Een speler mag nooit een ander verhinderen om bij de bal te kunnen komen.

 

Korte video strafcorner

Onderstaande video geeft kort en goed weer dat het soms moeilijk te zien is voor een scheidsrechter wanneer een bal buiten de cirkel is geweest tijdens het nemen van een strafcorner. De video laat een correct uitgevoerde stafcorner zien, maar de bal gaat razendsnel en je moet de juiste hoek aanhouden wil je het goed kunnen zien.

 

 

Looplijnen voor de scheidsrechter

Wat is de ideale positionering voor jou als scheidsrechter, en hoe gebruik je de looplijnen om het overzicht te behouden?
Hier zijn enkele praktische tips:
  1. Hanteer de hockeysticklijn. Deze is gemakkelijk te onthouden en geeft je gelijk de perfecte looplijn als scheidsrechter. Je hebt de primaire verantwoordelijkheid over jouw eigen helft van het veld. Je mag echter over het gehele veld fluiten. Het is hierbij gebruikelijk om de diagonaal aan te houden, maar je kunt dit het beste vooraf overleggen met je mede-scheidsrechter.
  2. Je draagt de volledige verantwoordelijkheid voor je eigen cirkel. Dat is ínclusief achterlijn plus zijlijn.
  3. Het is in geen geval handig om in de cirkel van de ander te fluiten. Doe dit dan ook nooit, maar help alleen als je collega hier expliciet om vraagt.
  4. Waar is je positie in het veld: zorg in eerste instantie voor de juiste looplijn. De standaard hockeysticklijn is hiervoor de ideale methode. Wanneer op de voor jou andere helft wordt gespeeld beweeg je zo’n 5 tot 10 meter mee langs de zijlijn tot aan de 23 meterlijn.
  5. Is de bal bij jouw eigen 23 meterlijn en gaat het spel verder richting doel, buig dan af richting de 2de streep op de achterlijn.
  6. Zorg dat je de aanval altijd voor bent. Zodra de aanval richting jouw speelhelft komt, beweeg je al naar achteren. Zo heb je een beter overzicht van wat er gaande is. Dit kun je blijven doen tot ver achter in het veld. De hockeysticklijn buigt pas mee de cirkel in, niet daarvoor.

Hieronder een plaatje van de hockeysticklijn die je als scheidsrechter in de meeste gevallen kunt volgen:

looplijnen van hockey - de hockeystick

(bron: KNHB.nl)

 

Een scheidsrechter huren voor een hockeywedstrijd

Wanneer je je kaart hebt gehaald, en misschien zelfs je CS+ certificaat, dan zijn clubs ook zeker op zoek naar jou. Soms als vervanging voor een zieke of geblesseerde scheidsrechter, of misschien wel als vaste (inval)kracht.

Er zijn verschillende manieren om gevonden te worden voor diegene die op zoek is naar een hockeyscheidsrechter.

De meest traditionele manier is uiteraard mond-tot-mond. Met name regionaal worden er een hoop arbiters op deze manier uitgewisseld. De vereniging in een dorp of stad verder zit erom verlegen en weten je te vinden.

Het is goed om af en toe te netwerken wanneer je ergens bent om deze contacten warm te houden. Ook andersom geldt dit! Wanneer je een leuk contact legt met spelers, ouders en andere scheidsrechters dan kun je deze ook aanspreken wanneer je een keer wat nodig hebt.

Andere methoden zijn er tegenwoordig ook met alles wat online is. Zo kun je je bereik wat vergroten en meer potentiële kandidaten bereiken.

Zo is er de online marktplaats voor scheidsrechters:

huureenscheids.nl

Wil je er eentje tijdelijk inhuren, dan kun je op de site prima terecht en kun je er vaak al eentje binnen een dag regelen. Toch mooi, zo’n redder in nood!

Comments are closed.

Open

Decathlon - alles voor de sporters